De RSZ start binnenkort met de berekening voor de werkgeverscompensatie van het vakantiegeld. Werknemers hebben recht op jaarlijkse vakantie en op het daarbij horende enkel en dubbel vakantiegeld in 2021 ook al waren ze gedurende langere periodes tijdelijk werkloos. Maar wie draait er op voor de kosten?

Waarover gaat het precies?

De dagen tijdelijke werkloosheid wegens overmacht corona in 2020 werden gelijkgesteld met de effectieve arbeidsprestaties voor zowel het vakantiegeld als vakantiedagen (in 2021). Werknemers hebben dus recht op jaarlijkse vakantie en op het daarbij horende enkel en dubbel vakantiegeld in 2021 ook al waren ze gedurende langere periodes tijdelijk werkloos.

De sociale partners bereikten hierover een akkoord waarin werd afgesproken dat de werkgevers de kost niet (volledig) hoeven te dragen.

De regeling is verschillend voor werkgevers van arbeiders of van bedienden. Bij bedienden zal de individuele werkgever zelf een compensatie krijgen, terwijl voor het stelsel van de arbeiders de RJV de gelijkstelling financiert.

Arbeiders

Voor arbeiders dragen de individuele werkgevers niet de kost voor de gelijkstelling. Hun bijdrage voor de jaarlijkse vakantie (15,84 %) wordt enkel berekend op de effectieve arbeiderslonen. Het is de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie die de gelijkstelling financiert via een overheidstoelage van 93,5 miljoen euro.

Een werkgever zal dus enkel de effectief gepresteerde dagen moeten betalen. Sinds kort kunnen werkgevers uit horeca en andere gesloten sectoren hiervoor ook een uitstel van betaling krijgen.

Bedienden

Voor werkgevers van bedienden is de situatie anders dan bij de arbeiders: hier betaalt de individuele werkgever het enkel en dubbel vakantiegeld voor de gelijkgestelde dagen. Deze werkgevers kunnen binnenkort een beroep doen op de hierna besproken en lang aangekondigde compensatie die de RSZ tijdens het 2e kwartaal 2021 zal berekenen. De overheid stelt eveneens een gesloten enveloppe van 93,5 miljoen euro ter beschikking aan werkgevers die een beroep hebben gedaan op tijdelijke werkloosheid overmacht corona volgens een bepaalde verdeelsleutel.

Wie komt in aanmerking?

Bedrijven die tijdens het tweede kwartaal 2020 beroep hebben gedaan op tijdelijke werkloosheid overmacht corona.

Hoeveel bedraagt de compensatie?

Een werkgever krijgt individueel een compensatie (uitgedrukt in percentages) afhankelijk van hoeveel je als betrokken werkgever beroep hebt gedaan op de tijdelijke werkloosheid overmacht corona (hierna: TWO) tijdens het tweede kwartaal 2020 (= refertekwartaal).

  • 10 – 20 % dagen TWO in tweede kwartaal : 33 % compensatie
  • 20 – 50 % dagen TWO in tweede kwartaal : 66 % compensatie
  • 50 – 100 % dagen TWO in tweede kwartaal : 100 % compensatie

Hoe groter het aandeel tijdelijke werkloosheid in het tweede kwartaal 2020, hoe meer compensatie voor een werkgever. Op deze manier komt het globale budget het meest ten goede aan de hardst getroffen bedrijven tijdens de eerste lockdown.

Elke werkgever krijgt een gewicht

Aan alle werkgevers wordt een bepaald gewicht toegekend waarbij het totale aandeel tijdelijke werkloosheid overmacht corona bij bedienen in het tweede, derde en vierde kwartaal 2020 wordt bekeken. Werkgevers ontvangen volgens dat gewicht een deel van de totale financieringsenveloppe.

Het globale ter beschikking gestelde budget zal worden verdeeld onder alle betrokken werkgevers op basis van het toegekende gewicht aan elk van de werkgevers. En vervolgens zal voor elke werkgever afzonderlijk een deel van dit globale bedrag berekend worden. De compensatie bij bedienden wordt berekend op de inhoudingen door de overheid op het brutovakantiegeld (sociale zekerheidsbijdragen en bedrijfsvoorheffing).

Hoe zal het verlopen?

Het is de RSZ die dit voor elke werkgever (van een bediende) in de loop van het tweede trimester 2021 zal doen. Dit verloopt via een nogal complexe berekeningsformule, maar de compensatie zal gelden zowel voor deeltijdse als voltijdse bedienden. Voor bedienden die deeltijds werken gebeurt de berekening in uren i.p.v. dagen.

De RSZ berekent de compensatie automatisch op basis van de dmfa van 2020. De werkgever hoeft dus geen aanvraag te doen. De compensatie neemt de vorm aan van een premie op het bedrag van de bijdragen die verschuldigd zijn aan de RSZ en wordt gerealiseerd in de loop van het tweede trimester in 2021. Het ongebruikte krediet kan worden overgedragen naar de volgende kwartalen van 2021. In de loop van het tweede kwartaal ontvangt elke betrokken werkgever een bericht in de e-box van de compensatie.

Merk tot slot ook nog op dat het gaat om de gelijkgestelde dagen tot 31 december 2020. Sinds 1 januari 2021 is er niet langer een gelijkstelling van de dagen tijdelijke werkloosheid overmacht corona (waardoor deze dagen voor het vakantiegeld 2022 dus niet langer tellen).