Moet ik als handelaar betalingen met de kleinste eurocentjes onbeperkt aanvaarden?

Moet ik als handelaar betalingen met de kleinste eurocentjes onbeperkt aanvaarden?

Naar aanleiding van de verplichte afronding van de kleinste eurocentjes worden onze leden geconfronteerd met klanten die bakken eurocentjes komen inleveren. Wat moet je aanvaarden en wat mag je doen?

De handelaars die op hun beurt die eurocentjes naar de bank dragen, moeten hiervoor een kostprijs betalen. Vraag is dus of handelaars onder deze omstandigheden al die eurocentjes onbeperkt moeten aanvaarden.

De wet is hierover duidelijk: enerzijds zijn de kleinste eurocentjes tot nader order nog altijd een wettig betaalmiddel. Artikel 11 van de Europese Verordening 974/94 van de Raad van 3 mei 1998 bepaalt echter dat geen enkele partij verplicht is om voor één betaling meer dan vijftig muntstukken (dus ook de kleinste euromuntjes) te aanvaarden.

Aftermovie inspiratietour Mode Unie naar Stockholm

Mode Unie trok met twee groepen van zelfstandige ondernemers (mode en lingerie retailers) naar Stockholm op inspiratie op te doen. Onder professionele begeleiding van communicatie- en retail trendsbureau Nightingale trokken we de stad in om nieuwe merken, winkelconcepten, communicatie aanpakken,… te ontdekken om dit mee te nemen naar hun eigen winkels.

Hier gaan we weer. Niemand is vragende partij voor afschaffing sperperiode, waarom blijven politici dit dan keer op keer opnieuw voorstellen?

Hier gaan we weer. Niemand is vragende partij voor afschaffing sperperiode, waarom blijven politici dit dan keer op keer opnieuw voorstellen?

Uit een bevraging bij verschillende werkgeversorganisaties vorig jaar in maart bleek dat twee op drie Vlaamse handelaars tegen de afschaffing van de sperperiode was en dat er bij geen enkele sectororganisatie draagvlak was voor deze maatregel. Desondanks kwam Minister Peeters met een voorstel tot afschaffing.

Black Friday, met zijn megakortingen, is nog maar amper voorbij. Heel wat lokale modehandelaars die hier, vaak noodgedwongen, aan deelnamen, zijn hier nog van aan het bekomen en er wordt opnieuw een voorstel gedaan om de sperperiode af te schaffen en de kortinggolf op die manier nóg uit te breiden. Waarom blijven politici dan met dit voorstel komen terwijl niemand voorstander is: het blijft een mysterie.

De afschaffing van de sperperiode heeft niets met de bescherming van de consument te maken. De sperperiode is in eerste instantie bedoeld om de eerlijke concurrentie tussen modezaken te vrijwaren en ervoor te zorgen dat zelfstandige handelaars beschermd worden tegen multinationals die het hele jaar door met kortingen zwaaien. Zeker in tijden waar kortingen eerder de regel dan de uitzondering worden, kunnen zelfstandige moderetailers de steeds verder gaande prijzenslag missen als kiespijn. Multimerkenboetieks zijn immers niet opgewassen tegen de voortdurende stroom van kortingen van grote multinationals en worden op die manier sneller uit de markt geduwd.

Door de sperperiode wordt een momentum gecreëerd waar alle handelszaken binnen de modesector op hetzelfde moment aan de solden kunnen beginnen, de enige periode waar men in België met verlies mag verkopen. Door de afschaffing van de sperperiode komen deze solden mogelijk ook in het gedrang, wat nog een grotere stimulans zal zijn om voortdurend kortingen te geven. Hier bovenop zien we dat de solden nog steeds heel wat volk trekken en een goede verkoop met zich meebrengen. Het wegnemen van de sperperiode neemt de facto ook dat belangrijke momentum van de solden weg: wie zal immers nog wachten om niet nóg vroeger met kortingen te beginnen?

De wetgeving rond de sperperiode afschaffen omdat deze ‘uitgehold wordt door onder andere koppelverkoop en niet nageleefd wordt’, gaat niet op. De rechtsonzekerheid die momenteel heerst heeft vooral te maken met het gebrek aan controles vanwege de Economische inspectie. Er is nood aan duidelijke regelgeving zodat iedereen weet waaraan zich te houden en welke sancties er op inbreuken staan.

Niet alleen de zelfstandige modedetaillist verliest bij het afschaffen van de sperperiode: multimerkenzaken die zorgen voor diversiteit in aanbod, nicheproducten, shopbeleving en authenticiteit verdwijnen sneller en de consument krijgt eenheidsworst voorgeschoteld. En wat met korting op onverwachte momenten? Vandaag een stuk kopen dat morgen onaangekondigd dertig procent goedkoper aangeboden wordt in dezelfde winkel. Van bedot gesproken.

In plaats van de discussie over de sperperiode te blijven voeren zou werk gemaakt moeten worden van maatregelen die zelfstandige handelaars beschermen zoals het instellen van een regelgeving die destructieve prijsstrategieën tegen gaat. Enkel op deze manier zal de beoogde eerlijke concurrentie tussen handelaars gevrijwaard blijven zodat deze allen in een sterk verzadigde en concurrentiële markt overeind kunnen blijven.

Isolde Delanghe – directeur Mode Unie

Mode Unie en UNIZO verwerpen N-VA wetsvoorstel afschaffing sperperiode: “Sector heeft wel andere prioriteiten”

Mode Unie en UNIZO verwerpen N-VA wetsvoorstel afschaffing sperperiode: “Sector heeft wel andere prioriteiten”

Mode Unie, de sectorfederatie voor zelfstandige modedetailhandel, en UNIZO lopen allerminst warm voor het zopas ingediende N-VA-wetsvoorstel om deze sperperiode af te schaffen. Een wetsvoorstel dat allicht niet toevallig op deze eerste dag van de sperperiode werd gelanceerd. “Hier zit niemand op te wachten”, aldus Danny Van Assche, gedelegeerd bestuurder van UNIZO, en Isolde Delanghe, directeur van Mode Unie. “De handelaars niet, maar ook de consumenten niet.”

Black Friday, met zijn megakortingen, is nog maar amper voorbij. Heel wat lokale handelaars die hier, vaak noodgedwongen, aan deelnamen, zijn hier nog van aan het bekomen. “Het is dan goed dat er tenminste een sperperiode bestaat, voorafgaand aan de solden, waarin geen prijsverminderingen mogen worden geafficheerd”, aldus Mode Unie en UNIZO. “Het geeft de handelaars wat ademruimte in tijden waarin permanente kortingen de regel dreigen te worden. Die pauze geeft hen ook weer de kans om straks, gelijktijdig met de grotere spelers, soldenkortingen te kunnen geven. Een gelijk speelveld voor iedereen, dat is het uitgangspunt. De sperperiode creëert bovendien een aanloop naar ‘hét momentum’, de solden zélf, waardoor die koopjesperiode ook voor de consument iets bijzonders blijft, om naar uit te kijken. Als permanente kortingen het nieuwe normaal worden, zal de consument die ook vanzelfsprekend gaan vinden en niet echt meer naar waarde schatten.”

Om tegemoet te komen aan de eerdere bezwaren van Europa tegen de sperperiode werd in het nieuwe Wetboek Economisch Recht nadrukkelijk bepaald dat de reglementering omtrent de sperperiode tot doel heeft een correcte mededining en eerlijke marktpraktijken tussen ondernemingen te waarborgen. Uit een recente bevraging van UNIZO en Mode Unie blijkt overigens dat een duidelijke meerderheid van de handelaars gewonnen is voor het behoud van die sperperiode.

Mode Unie en UNIZO noemen “het feit dat bepaalde handelaars de sperperiode omzeilen” een vreemd argument van N-VA om ze dan maar af te schaffen. “Alsof we de snelheidsbeperking van 120 km per uur zouden afschaffen omdat heel wat automobilisten 140 rijden… Een afschaffing van de sperperiode zal ertoe leiden dat er nog méér en nog vroeger aan kortingverkoop wordt gedaan, waardoor de eigenheid en het momentum van de solden helemaal verdampen.”

“De detailhandel heeft in elk geval heel andere prioriteiten dan het afschaffen van de sperperiode”, besluiten Mode Unie en UNIZO, “Zeker nu de marges sowieso al dalen en de modespelers veel moeten inversteren in e-commerce en technologische vernieuwing.”

Perscontact

Isolde Delanghe – isolde.delanghe@modeunie.be – 0473 89 45 18

Sluiting en tewerkstelling op koopzondagen?

Sluiting en tewerkstelling op koopzondagen?

Veel werkgevers vragen zich momenteel af hoe het nu weer zat met sluiting en tewerkstelling op de komende koopzondagen. We geven ze hier graag een antwoordje!

Wat de reglementering rond koopzondagen betreft, moet rekening gehouden worden met enerzijds de wetgeving op de openingsuren en de wekelijkse rustdag (Wet van 10 november 2006 betreffende de openingsuren in handel, ambacht en dienstverlening); en anderzijds de wetgeving betreffende tewerkstelling op zondag (principieel verbod op zondagsarbeid: artikel 11 van de Arbeidswet van 16 maart 1971).

1. Principes wetgeving openingsuren en wekelijkse rustdag (van toepassing voor winkels mét en zonder personeel):

  • Verplicht één sluitingsdag per week, in principe op zondag tenzij men uitdrukkelijk kiest voor een andere dag. De wekelijkse rustdag moet wel minstens voor 6 maanden op dezelfde dag genomen worden. Iedere handelaar kiest zelf zijn rustdag. Indien geen uitdrukkelijke keuze wordt gemaakt en meegedeeld, valt de rustdag automatisch op zondag. Onder een wekelijkse rustdag verstaat men een ononderbroken periode van 24 uur, beginnend op zondag om 5 uur of om 13 uur en eindigend op de volgende dag op hetzelfde uur.
  • 15 afwijkingen per jaar mogelijk. Op initiatief van één of meerdere handelaars handelend in eigen naam of in naam van een groepering van handelaars, kan het college van burgemeester en schepenen afwijkingen toestaan op de verplichte sluitingsuren en de wekelijkse rustdag voor (een deel van) de handelszaken op haar grondgebied. Deze afwijking kan enkel gegeven worden voor bijzondere en voorbijgaande omstandigheden (b.v. gemeente- of wijkfeesten e.d.) of ter gelegenheid van jaarbeurzen en jaarmarkten.
  • Indien erkenning als toeristisch centrum: verplichting wekelijkse rustdag vervalt: heel het jaar open 24/24, 7/7, volgens eigen keuze winkels zelf.

2. Principes wetgeving tewerkstelling op zondag (enkel van toepassing voor winkels mét personeel):

  • Tewerkstelling personeel kan in principe tot zondagmiddag: Art. 14 van de Arbeidswet voorziet dat kleinhandelszaken werknemers op zondag van 8 uur ‘s morgens tot 12u ‘s middags mogen tewerkstellen.
  • Afwijkingen op verbod op zondagsarbeid van toepassing in een aantal sectoren en voor bepaalde kleinhandelszaken.
  • 6 koopzondagen per jaar mogelijk (ganse zondag met personeel werken) op voorwaarde dat voor die zondagen het schepencollege een afwijking heeft verleend op de verplichte wekelijkse rustdag (zie punt 1 hierboven) en voor zover de arbeidsinspectie en de vakbondsafvaardiging, voor zover die in het bedrijf bestaat, hiervan 24 uur vooraf werd ingelicht.
  • Indien erkenning als toeristisch gebied op basis van het KB betreffende de tewerkstelling op zondag in kleinhandelszaken en kapperssalons in badplaatsen, luchtkuuroorden en toeristische centra: winkels mogen circa 42 zondagen per jaar met personeel werken, volgens eigen keuze winkelier (binnen toeristische periodes).
Black Friday: wie kan nog mee – en vooral: moéten we eigenlijk nog mee?

Black Friday: wie kan nog mee – en vooral: moéten we eigenlijk nog mee?

Vrijdag – of zeg ik beter ‘deze week’ – is het opnieuw zover: Black Friday. De zoveelste kortingdag die vanuit het buitenland overwaait naar ons kleine Belgenland. Dergelijke kortingfenomenen zijn de laatste jaren bijna niet meer bij te houden. Singles Day, Cyber Monday, Blue Monday, Halloween, summer sale, winter sale, mid season sales: de rij wordt elk jaar langer.

Met marges die binnen de sector reeds sterk onder druk staan kunnen zelfstandige moderetailers de steeds verder gaande prijzenslag missen als kiespijn. Multimerkenboetieks zijn immers niet opgewassen tegen de voortdurende stroom van kortingen van grote multinationals en worden op die manier sneller uit de markt geduwd.

Niet alleen retailers verliezen bij krimpende marges door aanhoudende kortingperiodes: multimerkenzaken die zorgen voor diversiteit in aanbod, nicheproducten, shopbeleving en authenticiteit verdwijnen sneller en de consument krijgt eenheidsworst voorgeschoteld. En dat net in tijden waar de consument zich uniek wil kleden en zich wil onderscheiden van de massa.

En wat met korting op onverwachte momenten – mid season sales bijvoorbeeld? Vandaag een stuk kopen dat morgen onaangekondigd dertig procent goedkoper aangeboden wordt in dezelfde winkel. Van bedrog gesproken. Weet de consument eigenlijk nog wat de echte prijs van een product is en weet hij bijgevolg of de korting die hij denkt te scoren, ook effectief een korting is? Consumentenorganisaties spreken van aanzienlijk veel nepaanbiedingen en kortingen die mooier zijn dan ze écht zijn. Echt blij wordt de kortingkoper naar mijn aanvoelen toch niet van dit nieuws.

Zijn er dan oplossingen die er voor zorgen dat het leefbaar blijft voor de zelfstandige retailer én waar de consument ook gelukkig van wordt? Zeker.

Als we met z’n allen – consument en winkelier – trotser zouden zijn op onze eigen, lokale, Belgische producten zou dit al een grote stap in de goede richting zijn. Amazon zet in op Amerikaanse producten en Alibaba wil zijn Chinese producten steeds verder in onze markt duwen. Dit liefst rechtstreeks via hun online plaformen, zodat ze de lokale retailer kunnen passeren en nog meer marge nemen. In Nederland en Duitsland zien we dat de winkelrekken steeds meer gevuld worden met producten van eigen bodem. Waarom doen we dit als Belg zo weinig?

Meer producten van eigen bodem in eigen winkels, dat betekent dat er ook meer geld terug vloeit naar waar het nodig is: de lokale gemeenschap. Zelfstandige winkels dragen bij tot het versterken van het lokale weefsel, tot de aantrekkelijkheid van een stad om in te leven. Door het subsidiëren van allerhande clubs stimuleren ze sport, cultuur en creativiteit op een lokaal niveau.

Ook de overheid heeft een grote rol in dit verhaal. De sper- en soldenwetgeving blijft een noodzaak. Op die manier blijft de eerlijke concurrentie tussen handelaars gevrijwaard zodat deze allen in een sterk verzadigde en concurrentiële markt overeind kunnen blijven. Tevens moeten maatregelen genomen worden die retailers beschermen zoals het instellen van een regelgeving die destructieve prijsstrategieën tegen gaat.

De overheid moet zelf ook meer inzetten op het stimuleren van lokaal kopen in plaats van grote, buitenlandse spelers zoals Alibaba naar België te halen onder het mom van het creëren van meer werkgelegenheid. Tevens is er een doordacht beleid nodig rond het zetten van nieuwe, steeds grotere shoppingcentra: hier wordt tijdelijk misschien meer werkgelegenheid gecreëerd, maar elders smelten hierdoor jobs als sneeuw voor de zon en komen stadscentra leeg te staan. De consument kan zijn euro immers maar één keer uitgeven.

Ben ik perse tegen korting? Nee. Ik ben vooral vóór een goede strategie om de moderetail leefbaar te houden, een divers aanbod aan te bieden en de consument terug trots te laten zijn op lokale, Belgische producten tegen een correcte prijs. Met een leuke korting op het juiste moment zodat de waarde van hetgeen gekocht wordt blijft. Daar worden we met z’n allen gelukkig én beter van.

Winkelhieren is de boodschap!

Isolde Delanghe – Directeur Mode Unie